Madagascar

Diego Suarez (Antsiranana)

Dit is het vervolg van mijn reis door Madagascar. We begonnen in het oosten, en zijn langzaam naar het zuiden gereisd

we vliegen we terug naar Antananarivo waar we overnachten en de tijd hebben om de markt te bezoeken. De dag er op reizen we door naar Diego in het noorden van Madagascar (De officiële naam is nu Antsiranana, maar de namen lijken al zoveel op elkaar dat ik het maar even Diego noem. Het betekent wel opstaan om 02:30 want we vliegen vroeg en we moeten nog een uurtje rijden. Twee uur na het opstijgen landen we via een tussenstop in Diego.

's middags gaan we een 3-Bay tour doen, een wandeling over het strand van drie verschillende baaien.

Route

Dit is echt het mooiste gedeelte van Diego. Witte stranden, met een zee die varieert van azuur- tot diep blauw. De harde wind het draagt bij aan de mooie, wilde golven. We lopen vrijwel het hele stuk met de wind in de rug. Een klein stukje moeten we over rotsen die soms scherp kunnen zijn.

Het is eigenlijk de bedoeling dat we in een van de baaien kunnen zwemmen, maar de zee is iets te wild. Daarom worden we meegenomen naar een andere baai waar verlaten huizen staan. Mede omdat verderop militairen aan het oefenen zijn, doet het ons denken aan een militair oefenterrein. Vrijwel niemand wil zwemmen, en we staan er een beetje verloren bij. De omgeving hier is simpelweg niet mooi om te zien.

Later wordt ons uitgelegd dat hier ooit fransen hebben gewoond die alle vrijheid hadden om te bouwen wat ze wilden, maar dat die door een machtswisseling gedwongen werden hun huizen te verlaten. Hopelijk heeft de volgende groep wat meer geluk met de harde wind en kunnen we weer in één van de mooie baaien zwemmen.

Oude vissersboot op het strand (Baie de Sakalava)
Oude vissersboot op het strand (Baie de Sakalava)

De dag er op gaat het grootste gedeelte van de groep een 6 uur durende wandeling maken in de Amberbergen, dat een zeer diverse fauna schijnt te kennen. Ook de kleinste kameleon is hier te vinden als je geluk hebt.

Ik begin een beetje wandel moe te worden en ga het stadje Diego in mijn eentje bekijken. De omgeving van de haven is mooi qua uitzicht, maar verder stelt Diego niet veel voor. Veel vervallen huizen, gesloten restaurants en daklozen op straat.

Zelfs het "Alliance Française" dat in de Lonely Planet omschreven staat als "magnificent restored art-deco" stelt niet veel voor. Van buiten beton met metalen platen, en binnen een grote ruimte met plastic stoelen waar kinderen spelen. Aan de muur hangt wat simpel houtsnijwerk. Ik krijg ook het idee dat men nog steeds (of al weer) aan het restaureren is, want hier en daar wordt gelast.

Op een gegeven moment heb ik genoeg gezien en besluit terug te gaan naar het hotel. Ik heb last van mijn maag en diarree, iets dat veel mensen die naar Madagascar komen vroeg of laat overkomt. Misschien had ik daarom ook al niet zo'n zin om mee te gaan met de wandeling. Het is een kwestie van genoeg blijven drinken, af en toe een cola en eventueel wat droge biscuits nemen. Gelukkig is vlak bij een supermarktje.

Alliance Francaise
Alliance Française

De volgende dag brengen we op weg naar Ankarana Park een bezoek aan de rode tsingy. Volgens het programma hadden we dit gisteren al moeten doen, maar de gids stelde voor om dat vandaag te doen, omdat de weg erg slecht is. Dat laatste is trouwens niets teveel gezegd.

Tsingy's zijn puntvormige formaties die overblijven als de regen het tussenliggende zand heeft weggespoeld. Wat overblijft is een surrealistische wereld. De rode tsingy is van een zachte steensoort die we dan ook niet mogen aanraken. Later zullen we nog de "echte" tsingy bezoeken, die van limestone (kalksteen) zijn gemaakt, en hard en scherp zijn.

Rouge tsingy's van dichtbij
Rouge tsingy's van dichtbij
Rouge tsingy's
Rouge tsingy's

's middags is er de mogelijkheid om de Petit Tsingy te bekijken. Ook kun je dan een bezoek brengen aan een vleermuisgrot waar de "fox bat" en de "fruit bat" in leven. Het is er donker, dus je moet een zaklantaarn meenemen, liefst een met een hoofdband.

Ik ben niet mee geweest, maar volgens de anderen voerde het pad over de punten van de tsingy, die scherp zijn. Tsingy betekent ook 'heel voorzichtig lopen' in de lokale taal. De grot was soms ruim, maar er waren ook plekken waar je op je buik door een ruimte van 80 cm moest kruipen, terwijl de vleermuizen boven je hoofd dezelfde route namen. Niet iedereen vond dat even geweldig.

Omdat ik als enige niet mee ga, loop ik samen met Juluot als gids via een alternatieve route naar het uitzicht punt over de tsingy. De anderen komen hier ook langs, maar wij hebben alle tijd om alles rustig te bekijken.

Het uitzicht over het vreemde landschap van de tsingy is indrukwekkend. Dit is volledig gevormd door regen en wind, en samen hebben ze de lagen kalksteen blootgelegd in piekvormige formaties. Er is een punt waar ik vlak bij een tsingy kan komen, en de randen zijn inderdaad scherp. Hier kun je jezelf aan snijden.

Toch schijnt er een lemuur soort te zijn die hier kan leven. Hun handen en voeten hebben zich aangepast met speciale kussentjes, zodat ze over de tsingy kunnen lopen.

Tsingy's
Tsingy's
Tsingy Panorama
Tsingy Panorama

Als we via een omweg teruglopen zie we twee maal een Sportive Lemur in een holle boomstam. Dit is een nachtdier, en hij rust overdag. Een van de twee houdt ons wel in de gaten.

Even verderop komen we bij een diepe put, die is ontstaan door het weglopende regenwater in het regenseizoen. Dit gedeelte van het woud is in die periode dan ook niet toegankelijk.

Sportive Lemur (Foto Heidi Kamerling)
Sportive Lemur (Foto Heidi Kamerling)
Put, veroorzaakt door weglopend water
Put, veroorzaakt door weglopend water (Foto Emma Wit)

De volgende dat stoppen we op weg naar Ankifi bij een cacaoplantage. We krijgen uitleg hoe de cacao gewonnen wordt uit de vrucht. We kunnen een cacaoboon proeven die gereed is om vermalen te worden. Dit is echt 100% cacao, en smaakt enigszins bitter. Ik vind het wel lekker, de cacaosmaak blijft lang hangen.

Volgens Juluot zijn er ook repen met 100% cacao, maar die vind ik pas terug op het vliegveld en dan betaal je natuurlijk teveel.

Omdat dit een kleine plantage is, bedoeld voor uitleg aan toeristen, wordt hier ook peper en vanille verbouwd

Cacaovruchten
Cacaovruchten

Vanaf Ankifi vertrekken we per speedboot naar het eiland Nosy Be. Het is een hobbelig stukje varen. De boot klapt regelmatig op het water. De komende drie dagen hebben we vrij te besteden.

Je kunt snorkelen, duiken (als je een brevet hebt) , of een excursie doen naar het nabijgelegen reservaat. Ik besluit om te gaan snorkelen omdat er is gezegd dat je al een paar meter uit de kust vissen ziet. Voor het snorkelen varen we naar een kleiner eiland, Nosy Tanikely. Hier kunnen we een snorkelbril huren.

Als je nog nooit gesnorkeld hebt, is het een fantastische ervaring. Je loopt tot je middel de zee in, denkt nog "moet hier vis zwemmen?"", en zodra je je hoofd onder water steekt zie je al vissen zwemmen. Ook zie je koraal, zee-egels en kwallen. Enkelen hebben zelfs schildpadden gezien. De duikers die naar wat dieper water zijn gegaan hebben ook meerdere schildpadden en zelfs een haai gezien.

Als we op het strand gaan lunchen, verschijnt er een zwarte lemuur in een van de bomen, in de hoop dat er wat overblijft. We mogen ze echter niet voeren, omdat ze anders steeds opdringeriger worden

Op weg naar Nosy Be
Op weg naar Nosy Be
Snorkelplek (Nosy Taniklely)
Snorkelplek (Nosy Taniklely)
Black lemur(Nosy Taniklely)
Black lemur (het vrouwtje heeft een bruine vacht) op Nosy Taniklely

De tweede dag op Nosy Be ga ik het dorpje bekijken. Niet alleen de hoofdstraat met alle restaurants en souvenier winkels, maar ook een beetje buiten de gebaande paden

Op de markt ziet de groente er nog wel goed uit, maar de afdelingen vis en vlees trekken behoorlijk wat vliegen, die niet altijd worden verjaagd. Ik zou daar geen vlees willen kopen.

Wie de foto's van de markt wil zien moet hier maar even kijken.

Als je over het strand van Nosy Be loopt merk je dat het hier toeristischer is. Regelmatig komen verkoopsters met bananen, hoeden en shawltjes naar je toe, en een enkele keer zelfs een jonge vrouw die vraagt of je een "massage" wilt. Aan de hand van haar kleding en de grootte van de tas met massageolie kun je inschatten wat de echte bedoeling is. Ze zijn verder niet opdringerig. Meestal is een enkele "non, mercy" voldoende om ze kwijt te raken.

Zijstraatje op Nosy Be
Zijstraatje op Nosy Be

De derde dag in Nosy Be begint een beetje bewolkt. 's morgens vroeg is het strand nog het domein van zwerfhonden, en van mensen die het strand schoonmaken en al het zeewier verwijderen. Ik doe deze laatste dag niet veel, en luier wat in de ligstoelen die voor een van de restaurants aan het strand staan. Wat mij betreft had de derde dag niet gehoeven, maar ik heb begrepen dat het puur is voor het geval dat de vlucht naar het noorden vertraagd is. De mensen hebben dan in ieder geval twee dagen op Nosy Be.

Aan het eind van de middag vliegen we terug naar Antananarivo. Ook hier hebben we nog een hele dag. Wie niet de stad wil bekijken, heeft een aantal andere opties. Je kunt het koninklijk paleis bezichtigen, naar de dierentuin gaan, of naar het 20 km verderop gelegen lemuur park.

Ik ga met een groepje voor de laatste optie. De lemuren leven in dit park in volledige vrijheid. Vlak er achter is een groot woud, waar ze naar toe kunnen gaan als ze willen. Om te zorgen dat ze terug komen, worden ze vier maal per dag gevoerd met vers fruit. De lemuren zijn hier dan ook goed te zien, en totaal niet bang voor mensen. Maar ze springen ook niet op je, zoals we eerder hadden.

Sifaki (Lemur park)
Sifaki (Lemur park)
Black and white ruffed lemur (Lemur park)
Black and white ruffed lemur (Lemur park)
Sifaki (Lemur park)
Sifaki (Lemur park)

Omdat we op de terugweg nog iets willen eten, vragen we aan de taxi chauffeur (die ons heeft gebracht, en is blijven wachten) of hij een eettentje weet. Hij stopt bij een restaurant langs de kant van de weg dat in de eerste instantie gesloten lijkt, maar toch open is. De inrichting is eenvoudig. Alles wit, en TL verlichting aan het plafond.

De meesten nemen een noedelsoep, omdat dit meestal wel veilig is, en we hebben de ervaring dat de porties zo groot zijn dat je er voldoende aan hebt. Ze hebben nog één bier en één grote fles Coca-Cola, wel gekoeld overigens.

Als de rekening komt blijkt die voor 8 man ca 65.000 Ariary te zijn (ca 20 euro). Het bedrag deelt een beetje lastig door 8 (ook gezien de biljetten), dus we besluiten om gewoon ieder 10.000 Ariary te geven (nog geen 3 euro). Als de dame van het restaurant hoort dat ze het verschil mag houden is ze helemaal blij.

Overigens waren ook in de dierentuin loslopende lemuren te zien, die wel echt bij je kwamen. Veel andere dieren zaten in kooien volgens het principe: we maken ze wel, maar doen geen onderhoud.


Onze vakantie zit er op. Terug in het hotel kunnen we alvast via Internet inchecken voor onze vlucht met Air France. Dat scheelt straks misschien tijd. Ik laat alle documenten mailen naar mijn smartphone. We zullen tegen 01:00 vliegen, en inderdaad mag ik dankzij het gemailde PDF document gelijk doorlopen naar de bagage afgifte.

Hier wordt nogmaals mijn paspoort gescand, en krijg ik de boarding pas. Als je nog Ariary wilt terug wisselen moet je dat doen voordat je door de douane gaat, al is men hier wel zo vriendelijk om mensen die dat vergeten zijn weer door te laten zodat het alsnog kan.

De vlucht naar Parijs verloopt goed, al vertrekken we wel later dan gepland. Uiteindelijk komen we 45 minuten te laat in Parijs aan, terwijl we slechts een uur hadden voor de overstap naar Amsterdam. We missen dan ook met zijn allen de overstap, samen met nog een andere groep. Degene die het best frans spreekt zoekt namens ons een oplossing bij de service balie. Ik zal hier verder niet op in gaan, maar uiteindelijk hebben we met een groepje van 10 man zelf kaartjes voor de TGV (de snelle trein) gekocht, zodat we nog dezelfde dag thuis konden zijn.